De PvdA-fractie in Wormerland heeft het college twee sets schriftelijke vragen gesteld. De eerste gaat over het armoedebeleid, onder meer over de gemeentepolis en energiearmoede. De tweede gaat over woonoverlast, naar aanleiding van een situatie aan de Wollegrasstraat in Wormer.
Waar het ons om gaat
Bestaanszekerheid. Iedereen moet kunnen rondkomen en veilig kunnen wonen. Voor inwoners met een laag inkomen betekent dat ook: de energierekening en de zorg die ze nodig hebben kunnen betalen.
Een fijne en veilige woonomgeving. Iedereen moet zich thuis kunnen voelen in zijn eigen straat. Overlast die maanden of jaren doorgaat, tast dat gevoel aan, vooral bij kinderen en kwetsbare bewoners.
Goede relaties met omwonenden. Buren die overlast melden, moeten serieus worden genomen en op de hoogte worden gehouden, ook als niet alles meteen kan worden opgelost.
Een bestuur dat preventie slim inzet. Voorkomen is beter dan genezen. Regelingen voor minima helpen alleen als mensen ze kennen en makkelijk kunnen gebruiken. En bij overlast moet de gemeente eerder ingrijpen, met gesprekken, begeleiding en goede afspraken met woningcorporatie, zorg en politie.
Preventie en overlast Armoedebeleid
Armoedebeleid: hulp die mensen echt bereikt
Het Beleidsplan Integrale Armoedebestrijding 2024-2028 is inmiddels halverwege. Sinds het plan is vastgesteld, zijn de kosten van levensonderhoud gestegen, en in 2026 stijgen ook de energiekosten als gevolg van de oorlog met Iran (CBS, in NRC van 23 juli 2026). We vragen daarom niet om nieuw beleid, maar om actuele cijfers, zodat de gemeente vóór deze winter kan bijsturen.
Volgens het Instituut voor Publieke Economie is de gemeentepolis voor minima in een kwart van de gemeenten niet of nauwelijks toegankelijk, en lopen landelijk naar schatting 160.000 minima die regeling mis. Het kabinet wil het eigen risico in 2028 met 60 euro extra verhogen (NRC, 21 september 2026). Volgens het Centraal Planbureau stappen mensen met een laag inkomen minder snel naar een specialist, waarschijnlijk vanwege het eigen risico (Trouw, 26 september 2026). Huishoudens in energiearmoede kwamen volgens een voorlopige studie van TNO en CBS in 2025 gemiddeld 624 euro per jaar tekort, tegen 577 euro een jaar eerder (NRC, 23 juli 2026). En volgens het Jeugdeducatiefonds groeit minstens de helft van de leerlingen op praktijkscholen in Nederland op in relatieve armoede, waardoor kleine kosten als werkschoenen, een ov-kaart of een bril een obstakel kunnen zijn (NOS/NH, 23 september 2026).
Ook in Wormerland kan het beter. De informatie op de gemeentelijke website over hulp bij een laag inkomen is summier. Bij de gemeentepolis staat niet tot welk inkomen je ervoor in aanmerking komt, en bij de individuele inkomenstoeslag noemt de website de bijstandsnorm als grens, terwijl in de praktijk 120 procent daarvan geldt.
We stellen 15 vragen. Onder meer deze: Hoe groot is per minimaregeling het gebruik, en hoe groot is het geschatte niet-gebruik? Hoe brengt de gemeente armoede in beeld bij groepen die minder zichtbaar zijn, zoals werkenden met een laag inkomen, alleenverdieners, jongeren van 18 tot 27 jaar en leerlingen van het praktijkonderwijs? Tot welk inkomen is de gemeentepolis toegankelijk, hoeveel betaalt de gemeente mee, en kunnen inwoners automatisch worden aangemeld, bijvoorbeeld bij bijstand of kwijtschelding? Vergoedt de gemeentepolis (een deel van) het eigen risico? Zo niet, wil het college dat overwegen? Welke afspraken zijn er om afsluiting in het stookseizoen te voorkomen? Doen de praktijkscholen van Wormerlandse leerlingen mee aan Van Pro naar Prof, dat budget geeft voor bijvoorbeeld werkschoenen of vervoer? Zo niet, is een noodfonds voor stagespullen mogelijk?
Woonoverlast: eerder helpen, sneller duidelijkheid
De aanleiding voor de tweede set vragen is een situatie aan de Wollegrasstraat in Wormer. Daar hadden buren twee jaar lang last van overlast uit een woning waar de gemeente een groep jonge statushouders had gehuisvest. Uiteindelijk werden de huurders uit huis gezet. Voor de buren kwam dat veel te laat, en ook voor de huurders zelf is een uitzetting geen goede afloop.
Het is goed dat Wormerland ruimhartig meedoet aan de opvang van vluchtelingen. Maar dan moet de gemeente het ook goed regelen, ook nadat de sleutel is overhandigd. Uitzetten kan soms nodig zijn, maar mag niet de eerste serieuze reactie zijn. Met eerder en meer preventie wordt ook sneller duidelijk wanneer andere maatregelen nodig zijn, zodat de buren niet jarenlang hoeven te wachten.
We stellen 17 vragen. Onder meer deze: Onderschrijft het college dat wie overlast meldt, recht heeft op uitzicht op verbetering? Hoe houdt de gemeente contact met melders en omwonenden? Hoe lang en hoe intensief worden statushouders na hun plaatsing begeleid? Komt er in het nieuwe Integraal Veiligheidsplan een duidelijke aanpak, met eerst preventie en begeleiding, vaste momenten om te kijken of het werkt, en een heldere grens waarop zwaardere maatregelen volgen? Wil het college de raad elk jaar laten weten hoe het met woonoverlast in Wormerland gaat?
De gemeente werkt aan een nieuw Integraal Veiligheidsplan. Op de voorronde over openbare orde en veiligheid van 7 september 2026 was te weinig ruimte voor onze vragen. Daarom stellen we ze nu schriftelijk. We willen dat de lessen van de Wollegrasstraat in het nieuwe plan terechtkomen. Een bijlage met vergelijkbare zaken laat zien dat Wormerland het wiel niet opnieuw hoeft uit te vinden.
Of het nu gaat om geldzorgen of om overlast in de straat: wij willen een gemeente die op tijd ziet wie hulp nodig heeft, en dan ook echt helpt. De volledige vragen staan hieronder.